Draadloos afdrukcentrum

Uw draadloze printer aansluiten

Uw draadloze printer aansluiten
  1. Uw printer uitpakken.
  2. Volg de installatie-instructies om de verpakking te verwijderen.
  3. De stekker op een stopcontact aansluiten, de printer inschakelen en de inktpatronen plaatsen. Laat de printer de opstartprocedure doorlopen, inclusief het afdrukken van een uitlijningpagina (indien van toepassing).
  4. Kies een van de onderstaand aansluitmethodes. Als u printer dit ondersteunt en kiest voor een Ethernet (bedrade) aansluiting, deze nu aansluiten en doorgaan naar printersoftware installeren. Opmerking: bij gebruik van een Ethernet-aansluiting wordt het draadloze systeem van uw printer uitgeschakeld.

Als u draadloos wilt afdrukken zonder een draadloze router , vindt u hier meer informatie.

Uw printer ondersteunt minimaal één van deze methoden om verbinding te maken met uw draadloze netwerk:

HP Auto Wireless Connect

HP Auto Wireless Connect - HP Auto Wireless Connect is een technologie die het mogelijk maakt om uw printer automatisch op uw draadloze netwerk aan te sluiten zonder kabels of het instellen van uw draadloze netwerk, zoals uw netwerknaam of wachtwoord. Veel van de nieuwere HP-printers beschikken over deze mogelijkheid in het standaard installatieproces van de software.

Om deze optie te gebruiken installeert u de software voor uw printer. Volg de aanwijzingen op het scherm. Selecteer "Netwerk (Ethernet/draadloos)" type verbinding indien gevraagd, en kies vervolgens "Ja, stuur mijn draadloze instellingen naar de printer (aanbevolen)". Dat is alles! De HP-software doet de rest.

Niet alle computers of netwerkconfiguraties zijn compatibel met HP Auto Wireless Connect. In deze gevallen wordt een alternatieve draadloze installatiemethode aangeboden. Om compatibel te zijn met HP Auto Wireless Connect, moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

  1. Uw computer maakt gebruik van Windows Vista (en hoger) en Mac OS X 10.5 (en hoger).
  2. De computer maakt gebruik van een draadloze verbinding met uw netwerk en het besturingssysteem heeft de controle over de draadloze adapter, zodat de HP Software de huidige netwerkinstellingen van de computer kan vinden.
  3. Uw computer is aangesloten op uw netwerk met 2,4 GHz. OPMERKING: HP printers zijn niet compatibel met 5,0 GHz-netwerken. U kunt uw printer waarschijnlijk wel aansluiten op uw netwerk met andere installatiesmethoden zolang uw router 2,4 GHz ondersteunt (wat meestal het geval is). Ga naar de sectie Routers voor bijzonderheden. Deze pagina bevat aanvulllende installatiemethoden.
  4. Uw computer maakt geen gebruik van een statisch IP-adres
  5. Uw printer is in HP Auto Wireless Connect-modus. De printer staat in deze stand gedurende twee uur nadat het apparaat ingeschakelt tijdens de installatie een voordat deze wordt aangesloten op een netwerk.TIP: Als uw printer meer dan twee uur is ingeschakeld en de software nog niet heeft geprobeerd om de printer aan te sluiten op uw draadloze netwerk, kunt u deze modus opnieuw instellen met behulp van de opties "Netwerkinstellingen herstellen" of "Standaard netwerkinstellingen herstellen" in het bedieningspaneel. Deze zijn meestal te vinden onder het menu Netwerk of door het aanraken van het pictogram (of toets) voor draadloze communicatie. Ga vervolgens naar "Instellingen" of het tandwielpictogram. Raadpleeg de documentatie bij de printer voor meer informatie.

Andere omgeving- en technische factoren kunnen ook invloed hebben of HP Auto Wireless Connect al dan niet beschikbaar is.

Als HP Auto Wireless Connect wordt aangeboden tijdens de installatie van uw printer, is dit de aanbevolen installatiemethode. Het installatieproces vereist dat de computer tijdelijk wordt ontkoppeled van uw draadloze netwerk. U heeft dan geen toegang tot het internet. Zorg ervoor dat u eventueel online werk en/of downloads opslaat voordat u verder gaat met deze installatiemethode.

Als HP Auto Wireless Connect tijdens de installatie van de software niet wordt aangeboden of als het niet lukt, wordt u doorverwezen om een andere draadloze installatiemethode te gebruiken.

WPS (Wi-Fi Protected Setup)

WPS (Wi-Fi Protected Setup) - WPS heeft twee modi om apparaten op elkaar aan te sluiten met een draadloze verbinding. De eerste is de "pusbutton" (druktoets) en de tweede is "PIN". Pushbutton is de gemakkelijkste methode. Wij zullen de WPS pushbutton beschrijven om de verbinding te maken, maar niet de PIN-methode.

Raadpleeg de handleiding van uw printer om WPS met uw printer te gebruiken. Er zijn echter een aantal voorwaarden waaraan moet worden voldaan om de WPS pushbutton-methode te gebruiken:

  • Uw printer en de draadloze router moeten de WPS pushbutton-modus ondersteunen. Raadpleeg de handleidingen van uw printer en draadloze router.
  • De draadloze router moet over een fysieke WPS-toets beschikken.
  • Uw netwerk moet gebruik maken van WPA of WPA2-beveiliging. De meeste WPS draadloze routers maken geen verbinding met de WPS-methode als WEP of geen beveiliging wordt gebruikt.
  • De meeste WPS draadloze routers maken geen verbinding met de WPS-methode als u de standaard netwerknaam ingesteld door de fabrikant en geen beveiliging gebruikt.

Uw draadloze printer aansluiten op uw draadloze router met WPS:

  • Start de WPS pushbutton-modus op uw printer.
    Raadpleeg de handleiding van uw printer om WPS op uw printer te starten.
  • Druk binnen 2 minuten op de WPS-toets van de router.

Wizard HP Wireless Setup (producten met een display)

De Wireless Setup Wizard, die u uitvoert vanaf het bedieningspaneel van de printer. (Niet beschikbaar voor printers zonder aanraakscherm)

  1. Zorg ervoor dat u de naam weet van uw netwerk en uw wachtwoord voor beveiliging (WEP, WPA of WPA2).
  2. Gebruik het bedieningspaneel van de printer om het Netwerk menu te openen of druk op het draadloze pictogram en ga vervolgens naar instellingen. Selecteer Wireless Setup Wizard. De Wireless Setup Wizard toont een lijst met draadloze netwerken in de omgeving.

    Opmerking: Instellingen kunnen worden geopend door het aanraken van een moersleutel-pictogram, afhankelijk van het productmodel.

  3. Selecteer de naam van uw draadloze netwerk in de lijst.
  4. Als uw draadloze netwerk niet in de lijst staat, kunt u de netwerknaam handmatig invoeren door naar het einde van de lijst te schrollen. Als u de naam handmatig invoert, moet het identiek zijn, met inbegrip van hoofdletters en kleine letters.
  5. Uw WEP-sleutel of WPA-wachtwoord invoeren. U moet de sleutel of het wachtwoord correct invoeren, inclusief hoofdletters en kleine letters. Uw printer zou verbinding moeten maken met uw draadloze netwerk. Als de aansluiting niet tot stand komt, krijgt u de mogelijkheid om een Draadloos netwerk testrapport (Wireless Netwerk Test report) te printen om te bepalen wat het probleem is.

USB of draadloze instelling (producten zonder display)

USB of draadloze instelling - Printers zonder aanraakscherm kunnen deze draadloze installatiemethode gebruiken tijdens de installatie van de printersoftware.

Tijdens dit proces moet u tijdelijk een USB-kabel gebruiken tussen de computer en de printer. Het is belangrijk dat u de kabel alleen aansluit en loskoppelt als daarom door de software wordt gevraagd. De software geeft u aanwijzingen voor het configureren van de draadloze verbinding van uw printer.

In sommige gevallen kan de software uw draadloze instellingen automatisch voor u vinden.

Om uw draadloze printer op uw draadloze router aan te sluiten met behulp van USB of draadloze installatie, zie Printersoftware installeren