Draadloos afdrukcentrum

Vervangen van uw draadloze router

Draadloze instellingen

Alle apparaten die een draaloze verbinding maken met uw netwerk moeten worden geconfigureerd met de netwerknaam   (SSID) en het draadloze wachtwoord dat u gebruikt voor uw thuisnetwerk. Voor meer informatie, zie Beginselen van draadloze systemen.

Als u uw draadloze instellingen wijzigt, bijvoorbeeld bij het vervangen van uw draadloze router of als u een nieuwe router krijgt van uw ISP, moeten alle draadloze apparaten die u wilt gebruiken op uw draadloze netwerk worden geconfigureerd met de nieuwe instellingen.

Als u uw thuisnetwerk update met een nieuwe draadloze router en de nieuwe router configureert met dezelfde draadloze instellingen als de originele router, moeten al uw draadloze netwerkapparaten, inclusief uw draadloze printer, automatisch verbinding maken met de nieuwe netwerkrouter.

Opmerking: Als u een statische IP-adres instelt op uw draadloze printer (of een ander netwerkapparaat met inbegrip van uw computer), moet u mogelijk het statische IP-adres wijzigen naar IP-adres formaat dat compatibel is met uw nieuwe router. Raadpleeg de router-documentatie voor het standaard IP-adres van de router (soms ook wel een"gateway-adres") genoemd. Als u een statisch IP-adres hebt ingesteld, geeft de router de printer (en andere netwerkapparaten) automatisch een nieuw IP-adres. Meer informatie over het instellen van een statisch IP"

Draadloze instellingen wijzigen

Als u besluit om de instellingen van het draadloze netwerk voor uw draadloze thuisnetwerk te wijzigen, moet u uw draadloze printer configureren met de nieuwe instellingen.

De nieuwe draadloze instellingen configureren op een printer met een Wireless Setup Wizard:

  1. Open via het bedieningspaneel van de printer het menu voor Draadloze instellingen. Veel producten bieden toegang tot de draadloze instellingen door op de toets voor Draadloos drukken of het proctogram Draadloos op het bedieningspaneel van de printer aan te raken. Raadpleeg de documentatie van de printer voor hulp met het openen van het menu voor Draadloze instellingen.
  2. In het menu Draadloze instellingen selecteert u "Wireless Setup Wizard". De Wireless Setup Wizard leidt u door het proces om uw printer te configureren met de nieuwe draadloze instellingen. Op het display van de printer selecteert u de naam van het netwerk in de lijst van draadloze netwerken in uw omgeving en voert u het draadloze wachtwoord (WEP / WPA / WPA2) in wanneer daarom wordt gevraagd.
  3. U kunt een Draadloos netwerk testrapport (Wireless Network Test report) afdrukken vanuit het menu Draadloze instellingen om te bevestigen dat de printer correct is aangesloten op uw netwerk.

Uw draadloze instellingen configureren op een printer die niet beschikt over een Wireless Setup Wizard:

  1. Zorg ervoor dat uw computer is aangesloten op uw netwerk. U hebt ook een USB-kabel nodig, die tijdelijk wordt gebruikt tijdens de configuratie. De USB-kabel NIET tussen de computer en de printer aansluiten totdat de opdracht om dit te doen wordt gegeven door de software. Als uw HP printersoftware al op uw computer is geïnstalleerd.

    Windows XP, Windows Vista of Windows 7:

    • Gebruik Start -> Programma's -> HP -> {uw printermodel} -> Printerinstellingen en Software

    Windows 8/8.1:

    • Start de printersoftware vanaf het Startscherm (het pictogram voor de printermodelnaam) of met de tegel met de naam voor uw printer.
    • Selecteer (klikken of aanraken) Hulpprogramma's (Utilities) bovenin het printersoftwarescherm
    • Selecteer Printerinstellingen en Software

    Mac OS X:

    • Open Finder en ga naar Applicaties -> HP -> {uw printermodel} -> Printerinstellingen en Software.
  2. Selecteer "Draadloze instelling opnieuw configureren" (Reconfigure Wireless Settings) in Printerinstelling en Software of vanuit het Welcome Back-scherm van de CD.
  3. De instructies op de softwareschermen nauwkeurig uitvoeren. De printer niet op uw computer aansluiten met de USB-kabel totdat hierom wordt gevraagd door de software. Aan het einde van het proces wordt u geïnstrueerd om de USB-kabel te verwijderen.
  4. Zodra u de printer met de nieuwe draadloze instellingen hebt geconfigureerd, alle computers die de printer gaan gebruiken over het draadloze netwerk opnieuw starten.

Opmerking: Als u uw originele router hebt vervangen door een nieuwe en beschikt over een DSL of kabel modem aangesloten op uw draadloze router en kunt geen toegang krijgen tot het internet, de stekker uit het modem verwijderen, 30 seconden wachten, en vervolgens het netsnoer weer aansluiten. Als dit niet werkt, contact opnemen met uw Internet Service Provider (ISP).